Balans in de stal bewijst zich elke dag

Wie de stal van melkveebedrijf Van Delft in Elshout (NL) binnenstapt, merkt het meteen: hier heerst rust. Koeien staan ontspannen aan het voerhek te vreten of liggen herkauwend in de ligboxen. Wat vooral opvalt, is de uniformiteit van de veestapel. Het zij n geen koeien die opvallen, maar juist dát is de kracht. Hier draait alles om balans. Balans in de koe, in de veestapel én in de fokkerij .

Website uitgelichte foto wordpress

Functionele koeien

Samen met zijn vader Rini en broer Leo runt Arno van Delft het familiebedrijf met 200 melkkoeien. “Wij willen geen uitschieters, maar goed gebouwde functionele koeien, die het gewoon goed doen,” zegt Arno nuchter. Die fokvisie vertaalt zich ook in de cijfers. Afgelopen jaar produceerde het bedrijf gemiddeld 10.600 kilogram melk met 4,55% vet en 3,69% eiwit. Maar voor Arno zeggen die cijfers niet alles. “Het gaat erom dat de koeien veel ruwvoer opnemen waardoor ze gezond blijven en meerdere lactaties meegaan voor een mooi saldo.”

Geworteld in generaties

Het bedrijf kent een lange geschiedenis. Opa Van Delft begon ooit met drie melkkoeien, gecombineerd met tuinbouw. Zijn zoon Rini bouwde het bedrijf verder uit en inmiddels staat de derde generatie aan het roer. Ondertussen groeit de vierde generatie alweer op tussen de koeien. In 2016 werd de stal uitgebreid en in 2019 kwamen er drie melkrobots. naast het werk op het bedrijf is Arno al achttien jaar inseminator bij K.I. Samen. Drie dagen per week is hij onderweg naar collega veehouders. “Je ziet veel bedrijven en veel koeien. Dat helpt om kritisch te blijven in je eigen fokkerij.”

Fokken vanuit de koe

Die rust in de stal is geen toeval, maar het resultaat van keuzes. Voor Arno begint alles bij het fokken van een koe in balans. Hij kijkt naar de koe: wat mist ze in haar bouw? En welke stier kan dit corrigeren in de volgende generatie? “Een goed uitgebalanceerde koe is middelgroot, maar wel breed genoeg. Met een diepe rib, een brede voorhand en een brede muil zodat ze veel ruwvoer kan verwerken,” legt hij uit. Ook het kruis speelt een belangrijke rol. “Dat moet goed zijn, zodat ze makkelijk afkalft en weer vlot kan opstarten.”

Praktische benadering

Vanuit die benadering kiest hij de stier. Daarbij speelt de gedachte van het Triple A-systeem een belangrijke rol. Arno vervolgt: “Als een koe bijvoorbeeld wat meer kracht of melktype nodig heeft, kies ik een stier met de juiste aAa-code die dat kan verbeteren.” Pas daarna kijkt hij naar de fokwaarden. Het verschil tussen de cijfers op papier en de praktijk is volgens hem duidelijk. “Je kunt alles op papier perfect hebben, maar uiteindelijk moet het in de stal gebeuren.”

K.I. Samen genetica

Die manier van werken sluit naadloos aan bij de filosofie van K.I. Samen. De samenwerking gaat al tientallen jaren terug en vandaag de dag is meer dan 95% van de genetica van K.I. Samen. De eerste stieren die werden ingezet, zoals Thunder van der Wilg en Lightning rf, legden de basis. Maar vooral Malando drukte zijn stempel op de veestapel. “We gebruiken regelmatig jonge stieren omdat we vertrouwen hebben in de goede koefamilies van de stieren. Op dit moment kalven er verschillende vaarzen van Aiden Red en worden er kalveren geboren van onder andere Ritchy Red en Keylon Red P en binnenkort van Carambole Red. De huidige bewezen stieren zoals Abraxas Red P en Musthave Red hebben we als jonge stier veelvuldig gebruikt.” Echter worden niet alle koeien ingezet voor de fokkerij. “Ongeveer dertig procent wordt geïnsemineerd met Belgisch Witblauw. We gebruiken vooral Beer op jongere dieren en Jordy op de oudere dieren”, aldus Arno.

De kracht van koefamilies

Waar Arno het meest enthousiast over wordt, zijn de koefamilies die meerdere (3) generaties achter elkaar minimaal 80.000 liter geproduceerd hebben met goede gehaltes en een mooie restwaarde. Een mooi voorbeeld is Lies 64, een Outlaw dochter uit een Malando moeder. Ze zit inmiddels in haar zevende lactatie en heeft al ruim 88.000 liter melk geproduceerd met 4.85% vet en 3.68% eiwit. Ook Irma 75 (Moneymaker x Malando) zit inmiddels in haar vijfde lactatie op ruim 70.000 liter met 4.13% vet en 3.70% eiwit. “Het zijn gewoon goed gebouwde koeien die in balans zijn en in de praktijk laten zien dat ze vlot meerdere lactaties meegaan.” Daarnaast vormen de Pieta’s met zo’n 60 dieren de grootste koefamilie op het bedrijf. “Het zijn brede koeien die goed in conditie blijven. Hier is Pieta 168 van Abraxas Red P een mooi voorbeeld van. Ze produceert als vaars in 316 dagen 10.551 liter met 4,19% vet en 3,66% eiwit met behoud van conditie.”

V.l.n.r. Leo, Rini, Pieta 168 (v. Drouner Abraxas Red P) en Arno van Delft.

Levensduur als graadmeter

Ook op het gebied van levensduur zijn er mooie resultaten behaald. Het bedrijf heeft inmiddels zes honderdtonners voortgebracht. Twee daarvan lopen nog steeds in de stal. Er worden jaarlijks meerdere koeien verkocht aan collega-veehouders vanwege een lager uitvalspercentage dan aanwas. Ook dit draagt bij voor een mooi saldo en vertrouwen in de fokkerij.

Trots op een uniforme groep

De fokstrategie komt misschien wel het mooist samen in de dochters van Abraxas Red P. Inmiddels zijn er 17 aan de melk. In 2025 werden er zes samen op de foto gezet. Voor de familie een bijzonder moment: een mooie groep vaarzen van een jonge stier, die goed produceren, beschikken over sterke benen, voldoende breedtematen en een fijn karakter.

Abraxas Red P dochters bij melkveebedrijf van Delft, Elshout (NL).

De praktijk bewijst het

“Goede koeien herken je niet aan cijfers alleen, maar aan hoe ze dagelijks functioneren. Koeien die probleemloos produceren, gezond blijven en weinig werk vragen. Dat zijn de koeien waarop je kunt bouwen.” Precies dat is bij melkveebedrijf Van Delft de dagelijkse praktijk. De resultaten in de stal bevestigen keer op keer het vertrouwen in de genetica van K.I. Samen. Zoals Arno het zelf zegt: “Als je zulke koeien ziet lopen, dan weet je dat de praktijk het bewijst.”